Oud-leerlingen

‘SCHOOL IS COOL!’

Coely en Johannes, musici

In oktober 2017 kwamen zowel de internationaal bekende rapster Coely, als de zeer getalenteerde Johannes Genard weer eens terug naar hun oude middelbare school Hibernia!

In Citta, de weekendbijlage bij GvA, vertellen onze oud-leerlingen over wat Hiberniaschool voor hen heeft betekend. Coely en Johannes kozen Hiberniaschool dan ook als één van hun favoriete plekken in Antwerpen. Het leverde fijne publicaties op in het Antwerpse Stadsmagazine. Voor de pdf van het interview met Coely van 4 november 2017 klikt u hier, voor de reportage over en met Johannes Genard  van 18 november 2017, klikt u hier.

Het pad van afgestudeerden 

Hiberniaschool houdt contact met haar oud-leerlingen en bevraagt hen jaarlijks over hun vervolgpad. Ook geven zij steeds een helder antwoord op onze vragen ‘Heeft ons traject je voldoende voorbereid voor deze studie?’ en ‘Vind je dat je meer bagage hebt voor deze studie dan je studiegenoten uit niet-Steinerscholen?’ Uit de antwoorden leren we veel om ons onderwijs steeds te  reflecteren en te verbeteren.

Een greep uit de vervolgstudies van oud-studenten van 2017 en 2016 (sommige richtingen meerdere studenten)

Psychologie aan UG Gent
Geologie aan UG Gent
Sociaal werk en onderwijs in Zuid-Amerika
Arabisch aan Encora Volwassenenonderwijs Antwerpen
Digital Arts & Entertainment, met major Independent Game Production aan Hoge School West Vlaanderen (Howest) Kortrijk
Lichamelijke opvoeding en bewegingsrecreatie aan Karel de Grote Hogeschool Antwerpen
Psychologie aan VUB Brussel
Oosterse talen en culturen aan UG Gent
Maschinenbau an der FH- Aachen, Fachbereich Energietechnik in Jülich, Deutschland
Toegepaste Taalkunde (combi 2 talen Nederlands, Frans, Spaans, Vlaamse Gebarentaal) aan KU Leuven
Journalistiek aan KU Leuven
Industriële wetenschappen: elektromechanica aan UA Antwerpen
Werktuigbouwkunde aan TU Eindhoven
PBA Business Management, Marketing in Europe aan KU Leuven

Leerlingen uit vroegere jaren studeren momenteel onder meer:

Productontwikkeling BA aan UA Antwerpen
Toegepaste economische wetenschappen: handelsingenieur BA en MA aan UA Antwerpen
Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie BA aan UA Antwerpen
Sociologie aan UA Antwerpen
Architectuur aan UA Antwerpen
Taal- en letterkunde: Nederlands-, theater-, film- en literatuurwetenschap aan UA Antwerpen
Rechten aan UA Antwerpen

Andere oud-leerlingen:

Corazon De Raeymaecker, topmodel, ‘high potential’ en bio-boerin 

corazonVan haar 19de tot haar 24ste had Corazon De Raeymaecker een internationale modellencarrière in New York en Parijs en speelde in films en tv-series. Sinds 2012 heeft ze haar eigen boerenbedrijf in Kontich. Zij kweekt groenten en fruit gebaseerd op de principes van CSA, Community Supported Agriculture. Ofwel landbouw gedragen door de gemeenschap.

Corazon De Raeymacker: ‘Ik zocht iets met meer diepgang en dichter bij de mensen. In 2005 verliet ik de Hiberniaschool met een rugzak vol dromen. Boerin worden was er een van. Ik vertrok in 2007 naar New York waar ik voor onbepaalde duur kon werken, maar het werk bracht me niet veel voldoening. Zo ging ik opzoek naar iets waarmee ik me wel kon verbinden, ik kwam terecht op Windfall Farms; een boerderij die in verbinding stond met Manhattan. Elke week werden groenten vers van het veld aangevoerd. Het werk op de boerderij kon zo grondig worden uitgevoerd,  de stress die ik van thuis kende rond boeren voelde ik hier niet. Het was voor de boer dus absoluut geen probleem mij in de wereld van de biologische en dynamische landbouw te introduceren.

In 2009 begon ik aan de biologische en dynamische landbouwopleiding van Landwijzer. In mijn stage koos ik doelbewust voor boerderijen die in directe verbinding staan met hun consumenten. Tijdens de opleiding leerde we veel teelttechninsche vaardigheden uitbouwen en tijdens de stage kreeg ik mee dat een sociaal economisch draagvlak voor  boeren en consumenten van groot belang is. Het blijkt een win-win situatie te worden waarin we door samenwerking een sterk draagvlak creëren. Daarom koos ik ervoor in België een van de eerste CSA boerderijen op te richten.’

CSA-leden betalen lidgeld en in ruil daarvoor mogen ze heel het jaar door groenten en fruit vers van het veld komen halen. Het planten, zaaien en wieden van onkruid is het werk van de boer. CSA is een internationale beweging die vooral in Amerika groot is met zo’n 15.000 bedrijven. Het concept is op korte tijd immens populair geworden in Vlaanderen en de bedrijven hebben lange wachtlijsten. In mei 2013 stond Corazons bedrijf volop in de schijnwerpers in een uitzending van Één – Koppen.

Rond die zelfde tijd werd zij gevraagd als lid van de Vrijdaggroep, een nieuwe rondetafel van high potentials tussen de 25 en 35, die nadenken  over de toekomst van ons land in een wereldorde vol nieuwe uitdagingen. De denktank, een initiatief van de Koning Boudewijnstichting, wil met origineel studiewerk en opiniestukken het publieke debat voeden. Medeleden 2013 waren: Brieuc Van damme – docent economie/adviseur gezondheidszorg, Charlotte de Callataÿ – jeugdparlementariër, Ferdi de Ville – politiek wetenschapper, François Toussaint – consultant/adviseur voor pS, Hannelore Goeman – specialiste integratie/ondervoorzitster sp.a Brussel, Jan-Frederik Abbeloos – economisch journalist, Jasmin Lauwaert – milieuspecialist, Jeri Colson – sociale wetenschapper, Jonathan Holslag – Chinakenner/specialist internationale relaties, Laurent Hanseeuw – consultant/docent economie, Nicolas Baise – Boston Consulting Group, Rafike Yilmaz – adviseur Sociale Zaken, Sam Deltour – poolreiziger/co-assistent psychiatrie, Soumia el Majdoub – communicatieconsultant – Thomas Renard – Internationale Relaties Egmont Instituut, UGent.

Fotograaf Maarten Vanden Abeele rundskop

Maarten Vanden Abeele (°1970) doorliep Hiberniaschool tot en met de 12de klas (1976-1988) en is al sindsdien beeldend in de weer. Hij concentreert zich vooral op fotografie, maar hij maakt ook video’s en films. Na zijn studies Vormgeving en Communicatie in Rotterdam en  aan de Cambridge School of London en La Sorbonne, werkt hij twee jaar als scenograaf en fotograaf in Finland. Sinds 1993 verblijft hij in Parijs, van waaruit hij als freelance fotograaf opdrachten uitvoert over heel de wereld. Zijn activiteiten bestrijken een breed scala: zijn foto’s worden gepubliceerd in tal van internationale tijdschriften en boeken, maar een goed worden ze gebruikt voor posters en covers van platen/cd’s of films. In 1998 ontving Vanden Abeele de ‘Herman Teirlinck Prijs’.

Naast het uitbouwen van zijn persoonlijk oeuvre werkt Maarten Vanden Abeele geregeld in opdracht, onder andere voor Jan Fabre, Robbrecht & Daem, gerenommeerde huizen as Het Toneelhuis en De Munt, dansgezelschap Tanztheater Wuppertal van de beroemde Pina Bausch en voor het Nederlandse theatergezelschap Needcompany. Naast de foto’s van hun voorstellingen brengt Maarten Vanden Abeele ook het leven naast en achter de scène in beeld. Hiervan verschenen reeds gelauwerde fotoboeken.

Vande Abeele was in 2011 tevens de bevoorrechte getuige van Rundskop (2011), de meest gelauwerde Belgische debuutfilm van deze eeuw. Vanaf de eerste kiemen van het scenario tot de opnames, de Oscarnominatie en de internationale doorbraak van regisseur Michaël R. Roskam en hoofdrolspeler Matthias Schoenaerts: Vanden Abeele kon de hele ervaring vastleggen. De setfoto’s tasten de grenzen af tussen acteur en personage, tussen werkelijkheid en fictie. De intense portretten zijn even heftig als de film, maar tonen een heel eigen blik. Het fraaie fotoboek Het oog in de storm. Rundskop gefotografeerd door Maarten Vanden Abeele is een verrassende ontmoeting van enkele uitzonderlijke talenten uit film en fotografie. 

In zijn nieuwste werk wil de kunstenaar opnieuw ruimer beeldend te werk gaan. Vertrekkend van de fotografie als medium gebruikt hij in recente tentoonstellingen en presentaties ook installaties, video’s en soundscapes.

Jasna Neirinckx studeerde geneeskunde en werd arts

Jasna Neirinckx ging eerst in Lier (lagere school) en daarna in Antwerpen (Hibernia, middelbare school) naar de Steinerschool. In 1992 begon zij, meteen na haar middelbare school, met haar opleiding tot arts. Momenteel werkt zij bij ‘Geneeskunde voor het volk’.

‘Ik ben vanaf de kleuterklas naar de Steinerschool gegaan. Ik denk dat dat een beslissing van mijn moeder was. In die tijd vond mijn moeder dat een school was waar kinderen meer aandacht kregen dan op een andere school, waar het kind meer als persoon aan bod kwam. En ook omdat je nogal een brede kennis had na de Steinerschool, omdat je zowat alle vakken hebt gehad.
Ik ben altijd graJasna Neirinckx 2ag naar school gegaan. Ik was iemand die altijd veel uit mezelf werkte. Mijn stiefbroer verveelde zich wel eens in de klas, omdat hij misschien wat luier was van aard. In de Steinerschool wordt er veel verwacht van het kind zelf. Je moet er zelf iets van maken.’

‘Van mij hadden ze altijd gedacht dat ik iets kunstzinnigs zou gaan doen. Maar in de laatste twee jaar van de Steinerschool heb ik gemerkt dat ik ook veel andere interesses had. Ik wilde eerst iets anders proberen. Ik wilde iets met mijn handen doen, iets nuttigs.
Ik heb eigenlijk vooral voor geneeskunde gekozen omdat ik absoluut naar de derde wereld wilde. En geneeskunde vond ik het best geschikt daarvoor. Ik wou dat absoluut proberen.
Ik ben naar het Limburgs Universitair Centrum, inmiddels Universiteit Hasselt, in Diepenbeek gegaan, omdat men daar een trimestersysteem had, met om de drie maand examens. De stof die je daar moest verwerken, leek me haalbaarder. Het eerste jaar kregen we alleen wetenschappen: scheikunde, fysica, statistiek. Dat was wel een hele omschakeling, omdat ik niet meer met dat brede scala van vakken bezig was. Op het einde had ik vijf herexamens, maar ik heb er dan voor gekozen om mijn jaar opnieuw te doen en in de vakantie goed uit te rusten. Daarna is het altijd vlot blijven gaan en heb ik niets meer moeten dubbelen. Na de drie kandidatuurs-jaren in Limburg heb ik mijn doctoraatsjaren in Antwerpen gevolgd.’

‘Ik denk dat ik qua wetenschappen een zekere achterstand had. Maar uiteindelijk waren er ook veel mensen die zes of acht uur wiskunde hadden gehad en die met dezelfde problemen als ik zaten. Als bijzondere vaardigheden uit de Steinerschool heb ik wel het zelfstandig werken overgehouden: dat heb ik in de Steinerschool altijd moeten doen, en dat had ik op de universiteit hard nodig.’

Wietse Beels, violistwietse-beels

Wietse Beels (°1976) begon op 4–jarige leeftijd met vioolspelen. Na zijn schooltijd in Hiberniaschool Antwerpen, studeerde hij aan de conservatoria van Antwerpen en Rotterdam bij Guido De Neve, Jean-Jacques Kantorow en Ilya Grubert. Hij behaalde in 2002 het diploma ‘Uitvoerend Musicus’. Vervolgens studeerde hij aan de ‘Hochschule fur Musik’ te Keulen bij het Alban Berg Quartett, alwaar hij in 2003 afstudeerde. Kamermuziek volgde hij verder bij het Meloskwartet, het Altenberg Trio Wien en het Florestan Trio.

Beels was laureaat van de Nationale Muziekwedstrijd van het Gemeentekrediet in 1995. Met zijn ensemble Trio Dor won hij de debuutprijs kamermuziek in 1998 en was laureaat van het concours Castelfidardo in Italië. Samen met het pianotrio Narziss und Goldmund behaalde Wietse in 2003 het Konzertexamen aan de Hochschule für Musik Köln en won hij de Debuutprijs Kamermuziek van Jeugd en Muziek. Verder speelt Witese Beels in Orquesta Tanguedia, het Rubens ensemble en het Taurus kwartet.

Talrijke internationale radio-, tv- en cd-opnamen, onder meer met Trio Dor en Narziss uni Goldmund, staan op zijn naam. Beels concerteert door heel Europa en concerteert met vooraanstaande ensembles en orkesten zoals het Prometheus ensemble, Oxalys, Nederlands Blazers Ensemble, Eschertrio, Jan Michiels, Eliane Rodrigues, Jozef De Beenhouwer, France Springuel, Jean Claude Van Den Eynde, Edoardo Torbianelli, leden van het Koninklijk Concertgebouworkest en als solist met het het BIYO, het Vlaams Radio Orkest en philharmonie zuidnederland.
Wietse Beels is, naast uitvoerend musicus, ook leraar viool aan de Stedelijke Muziekacademie Lier.

Inmiddels is Wietse weer terug op onze school. Nu als vader.

Performer en antropologe Emilie De Vlam

Emilie de vlam Vlieszijlicht--Emilie De Vlam is oud-leerlinge van onze school en heeft aan alle toneelopvoeringen en poëzieavonden op school meegewerkt.
Haar eigen opmerkelijke weg als kunstenaar gaat van hedendaagse dans naar performance. Als danser geeft zij stages in Body Weather, een danspraktijk die zijn wortels vindt in Botuh, traditionele Japanse dans. In Tokyo genoot De Vlam dan ook haar opleiding, bij de Mai Juku dance company onder leiding van Min Tanaka en bij Masaki Iwana, Kazuo Ohno en de gerenommeerde de butoh- en euritmiemeester Akira Kasai.

Ze kreeg verblijfsbeurzen voor Japan om haar praktijkonderzoek naar dans en beweging verder te zetten, en studeerde na de opleiding hedendaagse dans aan de Hogeschool voor Dans en Danspedagogie in Lier, vervolgens antropologie, Multikulturele en Mondiale Studies, aan de Universiteit van Gent en vervolmaakte deze studie aan de St Andrews University in Scotland.

Als performer manifesteert zij zich in zeer uiteenlopende projecten: in Oudenaarde creëerde zij in 2014 samen met haar partner Bart Gabriel, Lav-o-matik, een installatie van diaprojecties, taal en geluid, performance, licht en klank. De bezoeker wordt ondergedompeld in een zinnenprikkelende totaalbeleving van tijd en ruimte. In 2015 maakt zij deel uit van de groep rondom NaMuDa, het Gnetse postdoktoraal onderzoeksprojekt waar Godfried-Willem Raes al sinds 2010 mee bezig is, dat werkt met robororkesten en Naked Music Dance.
De Vlam richtte productiehuis MA vzw op als een platform voor experimenten, workshops en labo’s.

Stijn Janssen is burgerlijk natuurkundig ingenieur

Stijn heeft zijn hele schoolloopbaan op de oudste Steinerschool van Vlaanderen doorgebracht. Hij wist al vrij vroeg, vanaf de 8ste klas, dat hij een wetenschappelijke richting uit wilde voor zijn hogere studies. Ondanks aanvankelijke twijfels bleef hij toch voor de Steinerschool kiezen. tegenwoordig werkt hij als projectmanager Vlaamse Instelling Technologisch Onderzoek (VITO).
‘Ik wist ik dat ik een wetenschappenlijke richting uit wilde. Daar lag mijn interesse. Het verhaal deed de ronde dat dat onmogelijk zou zijn indien ik op de Steinerschool bleef: ik zou niet genoeg basiskennis mee krijgen om aan de universiteit te kunnen slagen. Ook mijn ouders waren bezorgd en spoorden mij aan om hierover goed na te denken. Ik heb toen lange avonden bij mijn klasleraar thuis daarover gediscussieerd. Hij heeft mij er toen van overtuigd dat het wel zou lukken.
Ik heb inderdaad geen moeilijkheden ondervonden om mijn hogere studies aan te kunnen.
Na de 12de klas heb ik mij ingeschreven voor een voorbereidend jaar wiskunde in het Sint-Jan Berchmanscollege. Dat was wel nodig. Maar ik heb in dat ene jaar mijn achterstand ingehaald. Mensen die tijdens hun humaniora vier of zes uur wiskunde per week hadden gehad, hadden evengoed onvoldoende basiskennis. Ik heb geen moment gedacht “had ik maar niet op de steinerschool gezeten”. Ik kreeg 26 uur wiskunde per week en dan nog wat fysica en stijn janssen 2chemie en het was wennen op een school waar alles toch wat strikter was, maar in een jaar tijd was ik bijgebeend. Mijn opleiding Bugerlijk Ingenieur aan de Universiteit van Leuven verliep vlot en ik heb later mijn doctoraat Fysica behaald aan de Universiteit van Gent. Het muzikale en het tekenen ben ik met de jaren wat verloren, maar het creatieve denken is mij hopelijk bijgebleven.’

‘In het voorbereidende jaar wiskunde heb ik zelf het verschil gevoeld met het klassieke onderwijssysteem. De lessen verliepen daar volgens een striktere regelmaat. De relatie tussen leerling en leraar was niet te vergelijken met die op de Steinerschool. Op de Steinerschool was er een echte dialoog tussen de leraren en leerlingen. Ik ben nadien echter niet geschrokken van het feit dat leerkrachten gewoon hun les gaven en vertrokken. Ik was nuchter genoeg om daarmee om te gaan. Trouwens, in de hogere jaren aan de universiteit, toen de groepen kleiner werden, werd die dialoog wel weer mogelijk.
Natuurlijk is de houding van universiteitsprofessoren anders dan die van je vroegere leraren en natuurlijk kun je in een auditorium niet voortdurend je vinger opsteken en zeggen dat je het niet verstaat, maar ik heb dat toch een paar keer gedaan en daar werd op ingegaan. Dat gemakkelijk vragen stellen is zeker iets waar ik van de Steinerschool meegekregen heb. Mensen maken mij daar dikwijls attent op. Ook nu tijdens het onderzoekswerk dat ik verricht, wijzen mijn collega’s mij daar op. Het is voor mij trouwens een natuurlijke houding: als ik iets niet begrijp, dan zal ik zelf twee keer nadenken, maar dan stap ik naar iemand met wie ik daarover kan discussiëren.’

‘Ik heb aan die schooltijd een vriend voor het leven overgehouden. Sommigen van mijn klasgenoten loop ik sporadisch nog eens tegen het lijf. Ik voel nog steeds dat we zoveel jaren samen optrokken. We vinden spontaan aanknopingspunten, hoeven maar bij te praten. Nochtans bewandelen de meesten zeer verschillende wegen. Iemand is advocaat aan de balie van Brussel, anderen studeerden geschiedenis of criminologie. Een paar zijn kunstrichtingen ingeslagen. Er is bijvoorbeeld iemand die toneelkostuumontwerp volgde aan de academie. Er zitten twee mensen tussen die op dit ogenblik kok zijn in een restaurant. Iemand anders kwam in de grafische vormgeving terecht of werd opvoeder. Je ziet een scala van wegen.’

Advocaat Veerle Van Dyck

Veerle Van Dyck is advocaat. Haar hele schoolloopbaan bracht ze door in de Steinerschool! Zij heeft daar goede herinneringen aan.
‘In oktober 1993 ben ik aan de Vrij Universiteit Brussel begonnen met de studie rechten. Vijf jaar later ben ik als licendaat in de rechten afgestudeerd, met grote onderscheiding. In de loop van die vijf jaar was ik telkens in eerste zit geslaagd, zodat ik altijd een mooie, lange vakantie heb gehad. Ik wilde ook persé aantonen dat ik als oud-leerling van een Steinerschool wel degelijk in staat was om een universitair diploma te behalen.’

‘Ik heb daarbij geen moeilijkheden ondervonden. Toen ik enkele maanden bezig was in Brussel, was er een reünie op school. Toen heeft een van de ouders van andere leerlingen daarnaar gevraagd. Ik kon niet anders dan antwoorden dat ik eigenlijk heel blij was dat ik eindelijk “stof te blokken kreeg”, een wasmachine hoog als je alles opeenstapelde. De enige moeilijkheid die er misschien is geweest, was dat ik mijn attitude in de les moest veranderen. Op de universiteit kun je niet meer constant in interactie met de leerkracht gaan. In heel wat lessen zaten we met 250 studenten. Het is ook niet de bedoeling van die profs: die komen doceren en jij moet noteren. Dat kan een moeilijkheid opleveren als je die klik vergeet te maken.’

‘Ik werd advocaat in een middelgroot advocatenkantoor in Antwerpen. Meteen nadat ik afgestudeerd was, ben ik daar met mijn stage kunnen beginnen. Advocatuur is redelijk hard werken: het gebeurt dat je ’s avonds werk meeneemt of dat je ’s ochtends nog een zaak moet voorbereiden.
Als advocaat moet je heel wat pro-deo-zaken behandelen. Die cliënten zijn meestal mensen met een heel andere levenswijze en levensgeschiedenis dan de doorsnee advocaat. Vaak bedanken zo’n mensen mij omdat ik zo lief en vriendelijk ben, maar ik denk dat ze daarmee bedoelen dat ik hen respecteer voor wie ze zijn als mens en daar geen oordeel aan vastknoop. Ik denk dat ik die attitude voor een groot stuk uit de Steinerschool heb overgehouden. Maar ik heb een even goed contact met bedrijfsleiders, zakenmensen enzovoort. Voor hen geldt immers hetzelfde: mijn attitude is hetzelfde.’

Ruben Block en Johannes Genard, zangers

ruben blockTriggerfinger was in december 2012 de grote winnaar van de Mia’s, de prijzen van de Vlaamse muziekindustrie. De groep mocht vier awards mee naar huis nemen, waaronder die voor hit van het jaar voor de cover I follow rivers van Lykke Li. Triggerfinger had al meteen prijs toen de eerste award van de avond werd uitgereikt. Astrid Bryan overhandigde Ruben Block, Paul Bruystegem en Mario Goossens de prijs voor beste alternative. Daarna kreeg de Triggerfinger ook nog de prijs voor beste live act en beste groep.

‘Soms gebeuren er dingen in een carrière waar je totaal geen vat op hebt. Je geeft een radiosessie en dan sta je met dat liedje ineens 9 weken op nummer één. Dat zijn situaties die een platenfirma of een promoteam zelf niet kunnen bedenken. Het zijn jullie die dit nummer tot een hit gemaakt hebben’, sprak een bescheiden Ruben Block tot het publiek. Ruben Block is boegbeeld van de groep en tevens oud-leerlin2014Hiberniabal©MJBollansée -1g van onze middelbare Steinerschool Hibernia.

Naast Triggerfinger zijn ook ander oud-leerlingen succesvol in populaire bands, zoals Bent van Looy in Das Pop, Johannes Genard en Andrew van Ostade in School is Cool en Klaas Janzoons in dEUs. Ook zij vielen allen reeds in de prijzen of kwamen voor Mia’s in aanmerking.

Ruben block, Johannes Genard en School is Cool komen af en toe terug naar school!
Zie Video 1, Video 2 (vanaf 4’45) en Video 3

Amaryllis Uiterlinden, Pieter, Bert & Tine Embrechts en vele anderen

Wat hebben Tine, Pieter & Bert Embrechts, Lady Angelina en Amaryllis Uitterlinden gemeen met Ruben Block en Johannes Genard?
Afkomstig uit Antwerpen? Gevierde artiesten? Dezelfde school?
All of the above!
Ook Tine, Pieter, Bert, Amaryllis en ‘the lady’ doorliepen onze Steinerschool!
In 2013 traden ze allemaal op tijdens een benefiet concert voor onze school in het Borgerhoutse De Roma: The Sound of Steiner!
Tine Embrechts en haar muzikale vrienden hebben de zaal doen denderen onder het motto: StereoSteiner in De Roma!

De weg van onze oud-leerlingen 

In 2005 deed Hiberniaschool grootschalig onderzoek naar het wedervaren van haar oud-leerlingen. Zoals dat gaat met zoektochten en bevragingen hadden resultaat en respons wisselend succes. Veel oud-leerlingen werden gevonden, maar zeker niet allen. Toch geeft de brochure ‘De weg van onze oud-leerlingen‘ een aardige indruk van de zeer diverse wegen na Hiberniaschool.

Reeds in 2000 schreven Werner Govaerts en Lucie Spranghers het boekje ‘Oud-leerlingen van de Steinerscholen vertellen‘ in het kader van hun onderzoek naar slaagkansen in het hoger onderwijs voor Steinerleerlingen. Zij interviewden oud-leeringen uit het Steineronderwijs, waaronder vier uit Antwerpen, over hun schoolcarrière, hogere studie en beroep. De doelstelling van het boekje was indertijd om antwoorden te krijgen op de vragen die bij sommige ouders, leraren en medewerkers van Steinerscholen leefden, over de slaagkansen in het hoger onderwijs. Uit dit boekje zijn hierboven fragmenten en citaten weergegeven van Veerle van Dijck, Stijn Janssen en Jasna Nierinckx.

En last but not least: tenslotte leidde Hibernia, de Antwerpse Middelbare Steinerschool, ook haar voormalig directeur naar de universiteiten van Gent, Antwerpen, Moskou, Sint-Petersburg en Leiden, hetgeen resulteerde in functies als assistent-professor KU Leuven, directeur Nederlands Instituut voor de Universiteit van Amsterdam in Sint-Petersburg, Attaché van de Koninklijke Bibliotheek België, hoofd Stedelijke tolk- en vertaaldienst Provincie Antwerpen en tenslotte directeur van Hiberniaschool.

Zie hier voor een overzicht van oud-Steinerleerlingen internationaal.

< ga terug naar verder studeren of lees verder op curriculum >